Zilver en brons op juniores WK

De oude junioreswereldkampioen is ook de nieuwe. Twee keer na mekaar de wereldtitel behalen… dat belooft voor de toekomst van de Brit Ben Tulett. Als eerstejaars werd hij een jaar geleden wereldkampioen op het loodzware parcours in Valkenburg. Nu deed hij het op een heel andere omloop in Denenmarken. En de Belgen? Zij werden twee, drie en vier. Uitstekend dus.
Met onze Ryan Cortjens op het derde trapje van het podium en een bronzen medaille om de nek. Super. Al was hij uiteraard voor goud naar Denemarken gekomen. Voor de wedstrijd gaf hij zichzelf daarvoor 60% kans. Ambitieus dus. En dat bleek eerst ook terecht. Hij was het die de eerste aanvaller en Europese kampioen Pim Ronhaar tot de orde riep. Al vlug bleek dat die Nederlander de mindere was van Cortjens. Hij moest afhaken, kwam dan nog een eens terug maar moest er na een nieuwe versnelling van Cortjens definitief af. Alleen Witse Meeussen was nog mee met de Limburgse nationale junioreskampioen.
Knap werk van Cortjens al kon ik me meteen na de start niet van de indruk ontdoen dat hij geen al te beste dag had. Ryan schoot als een pijl uit de startblokken maar werd nog voor de meute het veld indook, door bijna tien renners overstoken. Dat getuigt niet meteen van super benen. Tenzij het een bewuste tactiek was. Dat leek zeker niet het geval want ook op de technische passages leek hij wat te ‘sukkelen’, uiteraard omdat hij op dat moment wat in het gedrum van het peloton zat. Daardoor moest hij al een eerste inspanning leveren om terug vooraan aan te sluiten. Een eerste cartouche weg dus. Maar ik leek me te hebben verkeken, want eens mee vooraan ging Ryan sterk te keer waardoor hij, zoals al eerder gezegd, met Meeussen vooruit geraakte.
En dan denkt een leek zoals ik (die dit jaar nog maar 30 jaar als wielerjournalist het wielrennen volgt nadat hij voordien zelf 15 jaar heeft gekoerst)… met twee Belgen vooraan en de rest op een kleine afstand… dan laat één van de twee toch een gat vallen! Chauvinistisch als ik ben, verwachtte ik dat van Meeussen omdat Cortjens op dat moment (vond ik) de betere was. Maar neen, zo werkt veldrijden niet. Daar spelen ploegbelangen niet. Daar wil iedereen zelf wereldkampioen worden. Zeker bij de jeugd, maar ook bij de profs (herinner u het débacle Declercq-Vervecken). En maar goed ook. Achteraf bekeken zou het ook niet veel aarde aan de dijk gebracht hebben. Want plots kwam uit de achtergrond uittredend wereldkampioen (en ploegmaat van Cortjens) Ben Tullett naar voor geschoten. Wie snel van achter uit vooraan aansluit is beter. Om dat te beseffen hoef je geen specialist te zijn. En Tulett was duidelijk beter. De Brit ging meteen door, profiteerde van een foutje van Cortjens en Meeussen op een schuine kant om een kloofje te slaan. En weg was hij. Zouden de twee Belgen met vereende krachten het gat op de weg nog kunnen dichten? Cortjens probeerde het. Deed op de lange rechte weg een paar keer het bekende gebaar met de elleboog naar Meeussen. Die begreep dat uiteraard maar pakte niet over. Ongetwijfeld niet omdat hij niet wou, maar omdat hij op dat moment niet kon. Cortjens kreeg de kloof op Tulett niet kleiner. En toen later Meeussen dan toch overnam, en zich vanaf toen voor de rest van de wedstrijd de betere van Cortjens toonde, groeide de voorsprong van Tulett ook nog. De Brit was dus de betere en de verdiende wereldkampioen.
Meeussen werd tweede. Zeer goed voor de wereldbekerwinnaar die (vergeet dat niet) als nieuweling zelfs even zijn carrière aan een zijden draadje zag hangen toen bij hem hartritmestoornissen werden vastgesteld. Hij werd daaraan geopereerd, wordt goed onder controle gehouden maar heeft er na die ingreep naar verluid geen last meer van. Redenen om minstens twee keer blij te zijn: een gezond hart in een gezond lichaam en een zilveren plak op dit WK.
Ook Cortjens mag tevreden terugblikken op het WK. Hij heeft gestreden voor wat hij waard was. En of je nu derde of tweede wordt… het blijft een podiumplaats en een medaille. En dat is iets waarmee je kan en mag thuiskomen.
En Thibau Nys? Toch iemand waar velen naar uitkeken. Hij finishte als vierde. Knap nadat hij tijdens de eerste koershelft met een lekke band kreeg af te rekenen maar toch ook als technisch wonderkind wat foutjes maakte, naar een 14de plaats terugzakte en dan knap terug kwam om uiteindelijk vierde te worden. Sterk voor een eerstejaars. Al vind ik dat men dat gebrek aan kracht als eerstejaars ten opzichte van de één jaar oudere juniores niet moet overroepen. Kijk naar Tulett. Hij won vorig jaar als eerstejaars in… Valkenburg. Een parcours waar je vooral over veel kracht moest beschikken. Kijk naar Mathieu Van der Poel. Ook hij werd als junior twee keer wereldkampioen.

Share